Google+ Followers

woensdag 16 september 2015

Vluchteling (Stadsgedicht 28)

Vluchteling  (Stadsgedicht 28)

We rukken alles uit zijn verband
kopiëren uitvergrote woorden
klinken onmenselijk
denken in termen
van verdeel en heers
wie was de idioot
die met deze waanzin begon

we kijken vluchtig
beoordelen luchtig de buitenkant
waar diep van binnen
de man met de zeis woont
die dagelijks
zijn harteloze daden
in hun hoofden herhaalt

we willen geloven
dat ze ons beroven
maar daken werden weggevaagd
muren plat gegooid
de vrijheid
volledig verwoest
waar huist de mens
die deze domheid stopt

ik ben gelukkig
slechts één van velen
van delen
ging nog nooit iemand dood

Marco van der Bij, 07-09-2015